In hemelsnaam, begín gewoon!

Tijdens de nazit van een begrafenis raak ik in gesprek met een dame van in de zeventig. Ze vraagt me wat voor werk ik doe. “Ik schrijf levensverhalen”, zeg ik.
“Och”, zucht de dame, “mijn zoon vroeg mij een half jaar geleden: ‘Mam, zou je voor mij willen opschrijven wat bij ons vroeger thuis de gewoonten en tradities waren?’ Tuurlijk lieverd, zei ik. Ik word toch binnenkort geopereerd en daarna moet ik een aantal weken verplicht rust houden. Dan heb ik tijd genoeg.”
Ik knik. “En?”
“Het is er niet van gekomen.”
“Maar u had toch tijd genoeg?”
Ze haalt de schouders op, een beetje kribbig. “Ik had geen rust in mijn hoofd. Geen inspiratie. Er kwam steeds wat tussen. Visite, een televisieprogramma. De hond. Het lukte gewoon niet. Nouja, ik schrijf het later nog weleens op.”

Hoe kan het toch dat je zelfs onder de meest ideale omstandigheden soms geen letter op papier krijgt? Deze welbespraakte dame werd door haar eigen zoon uitgenodigd om te schrijven, ze had tijd en gelegenheid, een geweldig thema om over te schrijven; en toch lukte het niet. Dus stelde ze het uit. Naar later. Wanneer dat ook maar moge zijn.

Misschien had ze het veel te groot gemaakt in haar hoofd en deinsde ze er onbewust voor terug. Misschien wist ze niet hoe ze moest beginnen en staarde dat lege vel papier haar vijandig aan. Herkenbaar? Natuurlijk. Of je het nu perfectionisme noemt, faalangst, koudwatervrees, een writer’s block of een duiveltje op je schouder; iedereen heeft van tijd tot tijd last van een haperende motor. Daar is maar één remedie voor. En dat is níet eindeloos op Facebook rondhangen of om de haverklap naar de supermarkt kleppen voor die ene vergeten boodschap.

Ik zal je zeggen wat het dan wél is.

Hou je vast, want het kan even aankomen.

Het is…

…rappapaaaaarappapaaaaaa…

Gewoon beginnen.

Het is echt zo simpel als dat het klinkt. Probeer het maar.

Pak een vel papier of doe je laptop open. Maar pak bij voorkeur dat vel papier. Zet een streep op dat papier. Teken iets, droodle wat. Noteer de datum van vandaag. Schrijf op wat je als ontbijt hebt gehad. Wat je ziet als je naar buiten kijkt. Het maakt niet uit. Begín gewoon.

Een trucje om je aan het schrijven te krijgen, is een woordcluster maken, ofwel een associatiespin. Zet een thema of een woord op papier, bijvoorbeeld ‘mijn fijnste vakantie’ of ‘onze tradities rond Kerstmis’, en omcirkel dit. Stel een alarm in op je telefoon of zet de kookwekker, en schrijf vervolgens vijf minuten lang alles op wat er bij je naar boven komt. Niet nadenken, niet corrigeren, opschrijven. Selecteren komt later.

Binnen vijf minuten heb je gegarandeerd je vel papier vol. Voilà, het begin is er.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *